#b8c400

OVAM en Lokeren pakken samen historische kwikvervuiling aan.

02.07.2015

De sanering van een historisch vervuilde bodem in Lokeren heeft zowel de OVAM als de gemeente kostbare expertise opgeleverd, die ook op andere plaatsen kan worden ingezet. Een ‘woonzoneproject’ laat toe om verspreide bodemvervuiling efficiënter te coördineren, met tal van voordelen voor de lokale milieuambtenaren, bewoners en projectontwikkelaars.

Sabine Plingers
OVAM-medewerker dienst Bodembeheer
Katrien Dedeken
Milieuambtenaar Lokeren
Wilt u ook zo'n project realiseren in uw gemeente? Laat uw gegevens achter en wij contacteren u onmiddellijk.
Sabine Plingers
OVAM-medewerker dienst Bodembeheer
Katrien Dedeken
Milieuambtenaar Lokeren
Wilt u ook zo'n project realiseren in uw gemeente? Laat uw gegevens achter en wij contacteren u onmiddellijk.

Op diverse plaatsen in Lokeren stelde de OVAM ernstige bodem- en grondwaterverontreiniging door kwik vast. Dat was een gevolg van de vroegere haarsnijderij-activiteiten die de stad in het begin van de 20ste eeuw op de kaart zetten. Na een grondige inventarisatie werkte de OVAM ‘woonzoneprojecten’ uit die de herontwikkeling planmatig en efficiënt aanpakken. Het is een amalgaam van terreinen, kleine en grote percelen, verspreid over de stad. Enkele opmerkelijke locaties zijn de voormalige Colruyt-site aan het Molenbergplein en een aantal woningen die deel uitmaken van de zogenaamde ‘locatie 5’ in de Bleekmeersstraat. Beide percelen maken deel uit van hetzelfde woonzoneproject, waarbij diverse voormalige haarsnijderijen gegroepeerd en versneld door de OVAM werden onderzocht en aangepakt.

Historische vervuiling

Sabine Plingers coördineerde bij de OVAM de onderzoeksaspecten van de diverse woonzoneprojecten. Zij schetst de historische achtergrond van deze vervuiling. “In deze bedrijven werd het haar van de pelzen van konijnen en hazen afgesneden. Daarmee maakte men vilten hoeden. Door de haren in te strijken met een chemisch product dat kwik bevatte, werden ze viltkrachtig gemaakt. De verontreiniging kwam niet enkel van bedrijven (zoals ‘Hoedhaar’ er één was) maar ook van huizen in de omliggende straten, omdat de bewoners deze activiteit ook thuis uitoefenden. Onze inventarisatie wees een dertigtal grotere en kleinere locaties met kwikverontreiniging aan. Recent werd ook in Eeklo een identieke verontreiniging vastgesteld. De knowhow die we verzameld hebben in Lokeren zal daar zeker nuttig zijn.”

Win/win-situatie

Er waren uiteraard informatievergaderingen met de betrokken bewoners, vertelt Katrien Dedeken, milieuambtenaar in Lokeren. “Mensen hadden vooral vragen over hoe bijvoorbeeld hun tuin hersteld zou worden, of ze verplicht waren om deel te nemen, wat de gevolgen zijn als ze niet meedoen ... Er waren relatief weinig vragen over de gezondheidsrisico’s. Meestal verliepen de vergaderingen vrij begripvol. Achteraf bleek dat sommigen toch niet willen meewerken. Voor gerichte informatie over het verloop van het onderzoek en de sanering van het betrokken perceel moesten wij meestal naar de OVAM doorverwijzen. Het is belangrijk om tijdens de infovergaderingen te benadrukken dat mensen door de OVAM worden aangemaand om te saneren als ze niet meewerken. Geheel vrijblijvend is het dus niet. De bewoners zien niet altijd de voordelen op termijn. Zo stijgt na sanering de waarde van hun perceel bij een latere doorverkoop. Op deze manier wordt de hele buurt opgewaardeerd, wat ook voor de gemeente een goede zaak is.”

Het ene perceel is het andere niet

De vele particuliere percelen die gesaneerd moesten worden, sloten niet allemaal bij elkaar aan, wat het project nog ingewikkelder maakte. “De percelen konden toch worden samengevoegd in één woonzoneproject. De bewoners van de percelen werden vrijgesteld van de onderzoeksplicht omdat zij niet aan de basis van de vervuiling lagen. Het onderzoek en de sanering gebeurden ambtshalve op kosten van de OVAM. Het onderzoek van de percelen vond gecoördineerd plaats, wat onder meer inhield dat er op elk perceel staalnames gebeurden. Op sommige plaatsen kon het onderzoek al vroeg worden afgerond omdat er geen of heel weinig verontreiniging werd gevonden en er geen verdere maatregelen noodzakelijk waren. Op andere percelen was een bijkomend bodemonderzoek noodzakelijk, en kon na het opstellen van een bodemsaneringsproject de sanering pas later worden uitgevoerd. Ook voor andere lokale besturen kan zo’n woonzoneproject een nuttig instrument voor de herwaardering van bepaalde stadsdelen zijn. In dergelijke projecten wordt het beleid als het ware tastbaar”, zegt Kathleen De Muer van de OVAM.

Geïntegreerde sanering

Ook de ex-Colruyt-site in het stadscentrum maakt deel uit van het woonzoneproject. Hier stond ooit een grote haarsnijderij. De warenhuisgebouwen zijn afgebroken en het volledige terrein werd ontgraven tot op een diepte van 1,2 meter, en dieper waar nodig. Dit is een schoolvoorbeeld van een ‘geïntegreerde sanering’, met uitgebreid voorafgaand overleg tussen de OVAM en de projectontwikkelaar. Na het inpassen van de verschillende plannen en ontwerpen konden sanering en herontwikkeling naadloos op elkaar worden afgestemd. Hierdoor werden zowel tijd (de werken volgen elkaar onmiddellijk op) als middelen (minder aanvullingen) gespaard. De OVAM koppelde deze bodemsanering aan de bouw van een woonproject, in samenwerking met private ontwikkelaar Elad Brody. Directeur André Trossaert: “De hoge kosten voor grondverzet en de vereiste waterzuivering bij bemaling na kwikverontreiniging in grondwater zouden de nieuwbouw financieel zwaar belasten. Dit had een bijsturing van het woonconcept tot gevolg, wat resulteerde in 75 nieuwe wooneenheden met een binnenpark en half ondergrondse parkeergelegenheid. Voorheen hadden wij al een positieve samenwerking met de OVAM bij een soortgelijk project in Deinze, waar zich op het terrein van een vroegere verchromerij zware verontreiniging van zware metalen en minerale oliën had voorgedaan.”

Meer informatie:

GERELATEERD