#b8c400

Met asbest neemt de OVAM geen risico’s.

20.07.2015

Heel veel gronden in Kapelle-op-den-Bos zijn met asbest vervuild. Rond de vroegere asbestfabrieken werd destijds productieafval gebruikt als verharding. De risico’s waren niet gekend, en de historische vervuiling was niet gedocumenteerd. In samenwerking met de OVAM stimuleert de gemeente vandaag de noodzakelijke saneringen.

Sven De Mulder
OVAM-medewerker dienst Interventies, Verwijderingen en Saneringen
Gino Broeckhoven
Algemeen directeur Sint-Theresiacollege
Freddy De Ruysscher
Schepen milieu Kapelle-op-den-bos
Sven De Mulder
OVAM-medewerker dienst Interventies, Verwijderingen en Saneringen
Gino Broeckhoven
Algemeen directeur Sint-Theresiacollege
Freddy De Ruysscher
Schepen milieu Kapelle-op-den-bos

Het epicentrum van de asbestvervuiling in Vlaanderen is Kapelle-op-den-Bos en achttien omliggende gemeenten. Naast de impact van de lokale asbestproductie/verwerking werd daar heel vaak ook productieafval gebruikt als steenslag, of ‘stabilisé’ als ondergrond. Dit breukmateriaal komt er voor in drie verschillende vormen: draailingen of afgefreesde buisuiteinden, snij- of knipresten van platen, en bezinkingsslib. Dat productieafval kreeg men jarenlang gratis aan de fabriekspoort. Er is nooit bijgehouden wat er waar terechtkwam. Vaak zit dat asbest nu onder de oprit, op een binnenweg of veldweg, of komt het naar boven bij een renovatie.

Grootschalige sanering

Met het bodemdecreet van 2006 bleek hoe groot het probleem wel was. “We zetten toen een grootschalig saneringsproject op,” zegt Sven De Mulder van de OVAM. Inwoners van de negentien gemeenten die met asbestproductieafval geconfronteerd werden, konden zich aanmelden. De OVAM kwam tussen bij de verwijdering. Ook wat bij infrastructuurwerken blootgelegd werd kwam in aanmerking voor tussenkomsten. Het project startte in 2006 en liep twee jaar proef. Vandaag loopt het generiek. Er zijn raamcontracten met een erkend bodemsaneringsdeskundige en erkende saneerders. “We schatten dat er al zo’n 110.000 ton asbestproductieafval is weggehaald.”

Tijdens het project begeleidde de OVAM de inventarisatie-, onderzoek- en saneringsfase. Dat ging steeds gepaard met intensieve communicatie via nieuwsbrieven en infoavonden. “Een enquête in de projectregio wees op een hoge tevredenheidsscore voor onze aanpak”, vertelt Sven De Mulder.

Vangnet

“Het vangnet wordt behouden zolang we meldingen van particulieren, gemeenten of bedrijven ontvangen over asbestproductieafval”, legt Sven De Mulder uit. Maar hij wijst er ook op dat niet iedereen inpikt op de bestaande mogelijkheden. Vooral ouderen maken soms geen gebruik van het saneringsaanbod, zelfs wanneer dat 100% gesubsidieerd wordt en er een heel verhaal van ondersteuning aan gekoppeld is. Meer nog: saneringen gingen in het verleden al vaker gepaard met commotie, met voor- en tegenstanders. Eén op de drie inwoners van Kapelle-op-den-Bos werkte ooit in de asbestfabriek ...

Schepen De Ruysscher, bevoegd voor onder meer milieu, ervaart dat de ingesteldheid van de mensen langzaam verandert, onder meer naar aanleiding van incidenten als de brand in Roermond, die in december 2014 een asbestwolk op die stad deed neerdwarrelen. “Meld ons problemen om samen met de OVAM naar oplossingen te zoeken”, vraagt hij aan de inwoners. Het gemeentebestuur budgetteerde sinds 2010 jaarlijks 100.000 euro aan subsidies voor sport- en jeugdverenigingen om hun terreinen, tribunes, kleedkamers en lokalen die met asbestcementproducten opgetrokken waren, te laten saneren door erkende asbestverwijderaars. Ondertussen zijn de grootste werken wellicht gebeurd. Toch handhaaft de gemeente de subsidie op de begroting à rato van 50.000 euro per jaar.

In samenspraak met de OVAM neemt de gemeente stalen wanneer men vermoedt dat er asbest in de ondergrond zit. De milieudienst geeft bij een aanvraag voor verbouwing ook automatisch een brochure mee over het behandelen van asbest bij verbouwingen. “Zo weten ook mensen die hier niet met de problematiek zijn opgegroeid wat ze moeten doen”, aldus De Ruysscher.

OVAM start beleid voor asbestafbouw en reikt nieuwe instrumenten aan

Vorig jaar kondigde de Vlaamse Regering aan dat ze tegen 2040 alle asbest weg wil uit gebouwen. Ook de generieke vangnetformule voor asbestproductieafval maakt hiervan deel uit. Hoe kan de OVAM die hele problematiek inventariseren op gebouwniveau, en al het asbest verwijderen tegen 2040?

Sven De Mulder: “Particuliere woningen moeten momenteel niet over een asbestinventaris beschikken en hebben geen bodemonderzoeksplicht bij verkoop zoals bedrijven. Bij de verkoop van een woning is er vandaag geen ‘trigger’ als er niets geweten is. Daarom ontdekt men het asbest slechts bij toeval. Wij willen dat toeval uitschakelen. Voor een eigenaar wordt het mettertijd alleen maar duurder als er nog asbest in het gebouw zit. Het is in ieders voordeel om het versneld te laten verwijderen.” Overigens pakt de OVAM binnenkort uit met nieuwe asbestgerelateerde instrumenten. Er staat een leidraad op stapel voor gemeenten die met asbest te maken krijgen bij brand of andere calamiteiten: wat kan je tegenkomen? wat is het risico? hoe moet je hierover communiceren?

Bel de OVAM!

Sinds 2010 kende het Sint-Theresiacollege vier omvangrijke interventies bij verbouwingswerken. De sanering gebeurde telkens binnen het vangnet van de OVAM, die alles coördineerde en bekostigde. Directeur Gino Broeckhoven: “Toen we de fietsenstalling aanpakten en asbestdraailingen in de ondergrond vonden, was de OVAM maar een telefoontje ver. Er is snel een dossier opgestart en meegewerkt aan een oplossing, met medewerking van Eternit. Zo ving de OVAM ook onze initiële bezorgdheid bij het afbreken van de garages snel op.” Idem met de parking en de sanering van ‘het boske’ achter de sportvelden, waar asbestproductieafval was gebruikt als verharding van een brevierweg, en breukmateriaal was gedumpt in een ven. “Op de OVAM hoeven we nooit te wachten”, beaamt schepen De Ruysscher, “en dat is een hele geruststelling.”

GERELATEERD