#005db9

Saneren met de OVAM als partner.

15.07.2015

In Sint-Truiden sloot de OVAM een samenwerkingsakkoord met een eigenaar van een historisch vervuilde site. Dat leverde in alle opzichten een win/win-situatie op, zowel voor de kostenverdeling als voor de efficiëntie van de bodemsanering.

Tim Lieben
Medewerker afdeling Interventies, Verwijderingen en Saneringen
Filip Rommens
Adjunct-directeur van Agost
Tim Lieben
Medewerker afdeling Interventies, Verwijderingen en Saneringen
Filip Rommens
Adjunct-directeur van Agost

Aanvankelijk voorzag Agost, het autonoom gemeentebedrijf van Sint-Truiden, alleen maar de bouw van een jeugdcampus op de site van de vroegere gasfabriek vlak bij het station. Maar toen de OVAM de historische vervuiling in kaart had gebracht, bleek het interessanter om dat project grootser aan te pakken.

Nieuw leven in oude site

“De heraanleg van de ‘Gazometersite’ past in het nieuwe woonbeleid en de vernieuwing van onze stadskern bij het station”, verklaart burgemeester Veerle Heeren. “We willen de functies van wonen, werken, mobiliteit en ontspannen meer - en vooral ook harmonieus - door elkaar laten lopen. Daarom komt er op deze site een nieuwe leefomgeving met gebouwen die heel uiteenlopende functies hebben. Er zal plaats zijn voor een lagere school, een welzijnscampus, een vijftiental appartementen en een ondergrondse parking van twee verdiepingen. Verder komt er een geïntegreerde jongerencampus met een polyvalente zaal, een jeugdhuis, repetitieruimtes en een jeugddienst.”

Wie gaat dat betalen?

De vervuiler betaalt. In principe. Als die vervuiler niet meer bestaat of juridisch niet meer aanspreekbaar is, dan kan een bodemsanering ‘ambtshalve’ gebeuren. De eigenaar van de grond dient dan een aanvraag in om het statuut van “onschuldig eigenaar” te verkrijgen. Dat kan als hij nog geen eigenaar was toen de verontreiniging ontstond en hij er bij de aankoop niet van behoorde te weten.

In dit geval was een aantal percelen ambtshalve te saneren door de OVAM, en een deel door de stad - meer bepaald Agost dat de percelen van de stad overkocht. Het vooronderzoek werd gedragen door Agost en de stad.

“Uiteindelijk hebben we elk de helft van de saneringskost op ons genomen”, zegt Filip Rommens, adjunct-directeur van Agost. “Vanaf het tweede bodemsaneringsproject is de verdeelsleutel 50/50,” bevestigt Tim Lieben. Hij is dossierhouder bij de afdeling ‘Interventies, Verwijderingen en Saneringen, Programma Gasfabrieken en kwik’ bij de OVAM.

Saneringsconcept op z’n kop

De gasfabriek won destijds gas uit steenkolen. In de grond van de site zitten nu nog minerale oliën, PAK’s en vluchtige aromatische koolwaterstoffen, alsook verontreinigingen door bakstenen en puinlagen. In het grondwater zijn cyanides gevonden. Tim Lieben verduidelijkt dat een eerste saneringsproject in 2006 opteerde voor een combinatie van een oppervlakkige sanering van de grond met het saneren van het grondwater. Nadat Agost opgericht was en de plannen verder evolueerden, kwam er een nieuw project dat het hele saneringsconcept omdraaide. Nu werd gekozen voor een volledige en grondige sanering van de grond, om de bron van een mogelijke grondwaterverontreiniging helemaal weg te halen. Zo kan het naderhand bij een loutere monitoring blijven. “Dankzij de herontwikkeling van Agost, die dieper graaft en daarmee alle verontreiniging uit de grond haalt”, zegt Filip Rommens. “De samenwerking met OVAM bood ons die opportuniteit.”

‘Voortschrijdend inzicht’ resulteerde dus in een verschuiving van grondwatersanering naar grondsanering. “De hele procedure was tegelijk een proces van kennisopbouw. Dat vergde tijd”, blikt Rommens terug. Er was nog een RUP-wijziging nodig, waarna de vergunningen aangevraagd konden worden. “Je kunt niet beginnen saneren voordat het bodemsaneringsproject conform verklaard werd”, beaamt Tim Lieben.

Samenwerking rendeert

De feitelijke samenwerking tussen Agost en OVAM werd twee jaar geleden geformaliseerd. Zij kwamen in een principeverklaring overeen om zoveel mogelijk samen te werken en de saneringskosten 50/50 te verdelen. De OVAM is verantwoordelijk voor de percelen transport- en grondreiniging, Agost voor de rest. Maar het volledige terrein wordt gezamenlijk aangepakt.

“Voor dit bouwproject wordt er na de sanering dieper ontgraven. Die resterende grond kan via de grondverzetsregeling behandeld worden”, stelt Filip Rommens. De kostprijs van het hele stadsvernieuwingsproject wordt nu op zo’n 30 miljoen euro geraamd.

De OVAM en Agost hielpen elkaar bij het opstellen van de bestekken. Agost lanceerde het bestek voor de uitgraving, de OVAM het bestek voor een Europese aanbesteding voor de sanering. Beide organisaties stemden hun timing op elkaar af en gingen ook samen de communicatie aan met de buurt op bewonersvergaderingen. Agost liet zich al die tijd bijstaan door ImmoTerrae, die ervaringsdeskundige is in grondwerken. Ook de bodemdeskundigen bleven dezelfden en zorgden zo voor continuïteit.

“De samenwerking verloopt heel goed”, vindt Filip Rommens, die de proactieve aanpak een sleutel tot succes noemt.

We pakken de site nu beter en grootser aan in de plaats van nog jaren een strop te blijven meedragen. De herontwikkeling zal de oude buurt nieuw leven inblazen.

Filip Rommens

De kost van de sanering van het grotere project kan daarmee ook over meer gebruikers en functies verdeeld worden, wat de ontwikkeling voor alle partijen draaglijker maakt.

“We zijn tevreden over de samenwerking met de OVAM voor de sanering van de Gazometersite”, beaamt ook burgemeester Heeren.

De OVAM werkt efficiënt en snel. De oorzaak van de vervuiling wordt aan de bron weggenomen met een aanzienlijke afgraving. Die put kan later gebruikt worden bij de aanleg van een ondergrondse parkeergarage. Door dit soort geïntegreerde sanering gaat er geen tijd verloren.

Veerle Heeren

GERELATEERD